De correctionele rechtbank van Dendermonde heeft een man vrijgesproken voor de ontvoering van een 13-jarig meisje, en voor aantasting van de seksuele integriteit. De rechtbank stelde vast dat zij in dit dossier geconfronteerd werd met een woord tegen woord situatie, en op basis van het strafdossier de ene verklaring niet kon verkiezen boven de andere.
Feiten
Op 10 maart 2025 ontving de politie een melding van een ontvoering van een 13-jarig meisje. Het meisje verklaarde dat ze een man leerde kennen via Snapchat. Die man stond onaangekondigd aan haar woning, nam haar tegen haar wil in mee in zijn voertuig en bracht haar vervolgens naar zijn appartement. Het meisje verklaarde ook dat de man haar zowel in het voertuig als in zijn appartement ongepast aanraakte en kuste. Ze slaagde er op een bepaald ogenblik in weg te lopen en hulp te halen.
De verdachte kon op basis van de ANPR-gegevens en de routebeschrijving door het meisje geïdentificeerd worden als beklaagde.
Beklaagde verklaarde dat hij via Snapchat in contact was gekomen met een 17-jarig meisje dat hem vroeg om af te spreken. Hij haalde het meisje op bij haar thuis waarna ze naar zijn appartement doorreden. Eenmaal daar aangekomen stelde hij vast dat het meisje veel jonger was dan de door haar opgegeven leeftijd en verzocht hij haar zijn appartement te verlaten. Hij legde op een bepaald ogenblik zijn hand op haar hand en nam haar vast bij de schouder, maar ontkende dat hij haar onaangepast zou hebben aangeraakt.
Beoordeling rechtbank
De rechtbank stelde vast dat zij in dit dossier aangewezen was op de tegenstrijdige verklaringen van de beklaagde en de burgerlijke partij. De objectieve elementen in het strafdossier lieten de rechtbank niet toe de ene verklaring boven de andere te verkiezen:
-
De beklaagde en de burgerlijke partij kwamen met elkaar in contact via Snapchat. Door de aard van deze berichten kon de inhoud ervan niet meer worden achterhaald. De rechtbank kon bijgevolg niet met zekerheid vaststellen hoe de initiële communicatie tussen de partijen verliep. Hierdoor kon de rechtbank ook niet vaststellen dat de beklaagde op de hoogte was van de werkelijke leeftijd van het meisje.
-
Diverse objectieve gegevens uit het strafdossier (camerabeelden, uitlezing gsm-toestellen van de beklaagde en de burgerlijke partij, verklaringen derden) bevestigden de verklaring van de beklaagde op bepaalde elementen.
Op basis hiervan kon de rechtbank de ene verklaring niet boven de andere verkiezen. De rechtbank kon bijgevolg niet met zekerheid vaststellen dat beklaagde de burgerlijke partij tegen haar wil meenam en haar onaangepast aanraakte. De handelingen die beklaagde wel toegaf (hand op hand en het vastnemen aan de schouders) konden volgens de rechtbank niet gezien worden als handelingen die de seksuele integriteit aantasten.
De rechtbank besloot dan ook beklaagde vrij te spreken.
Door deze vrijspraak werd de vordering van de burgerlijke partij afgewezen.