Hof van assisen veroordeelt man wegens dubbele moord en moordpoging op zijn ex-vrouw tot een levenslange gevangenisstraf

02/10/2026

Het hof van assisen West-Vlaanderen heeft een man schuldig bevonden aan de moord op zijn twee dochters en de poging tot moord op zijn ex-vrouw. Hij werd veroordeeld tot een levenslange gevangenisstraf, en blijft ook vijf jaar ter beschikking van de strafuitvoeringsrechtbank. Volgens het hof en de jury waren er geen verzachtende omstandigheden aanwezig.

Feiten

Op 16 november 2022 haalde de beschuldigde zijn twee dochters op van school, en bracht hen naar de ouderlijke hoeve in Oostkamp. Daar werden de beide meisjes door hun vader om het leven gebracht via mechanische verstikking (door een plastic zak over hun hoofd te trekken en aan te snoeren met spanbandjes, en ook hun handen met spanbandjes op hun rug vast te snoeren).

Na de moord belde de man naar zijn ex-vrouw, met de melding dat hij zelfmoord zou plegen en zijn dochters zou meenemen in de dood. Op die manier lokte hij zijn ex-vrouw naar de hoeve en de aanpalende vakantiewoning van het gezin. 

Vervolgens saboteerde hij de elektriciteitsinstallatie aan de vakantiewoning (zo lagen de vier draden van de stroomtoevoerkabel bloot en onbeveiligd, wat bij aanraking zou leiden tot elektrocutie en mogelijks overlijden). De ex-vrouw zag bij het licht van een gsm-toestel echter op tijd dat de draden bloot lagen, waardoor het moordplan van de beschuldigde mislukte.

Verschijning door het hof van assisen

De feiten werden gecatalogeerd als moord en poging tot moord, waardoor de beschuldigde voor het hof van assisen in Brugge moest verschijnen. Het proces startte op 24 september 2026 en liep tot en met 2 oktober 2026.

Hof van assisen verklaart beschuldigde schuldig aan moord en poging tot moord

De volksjury heeft de beschuldigde schuldig verklaard aan moord en poging tot moord. Hij is hiervoor veroordeeld tot een levenslange gevangenisstraf. Hij blijft vijf jaar ter beschikking van de strafuitvoeringsrechtbank. Hij wordt ook levenslang ontzet uit zijn burgerrechten.

Motivering schuld

De volksjury hield bij het bepalen van de schuldvraag over de moord rekening met volgende elementen:

  • De bekentenissen die de beschuldigde heeft afgelegd over zijn voornemen om zijn beide dochters te doden.
  • De manier waarop de meisjes om het leven werden gebracht (via mechanische verstikking en het gebruik van spanbandjes), en de bekentenissen van de beschuldigde, tonen aan dat hij handelde met het oogmerk om zijn dochters te doden.
  • De beschuldigde verrichtte in de periode voor 16 november 2022 op het internet opzoekingen met de zoektermen: familiedrama's, verstikking en verdrinkingsdood. Een dag voor de feiten had hij reeds een bericht aangemaakt voor zijn Facebook-pagina, bestaande uit een foto van zijn dochters met daarop de tekst : "Mijn schoonvader heeft alles kapot gemaakt. Het spijt mij."

De volksjury hield bij het bepalen van de schuldvraag over de poging tot moord rekening met volgende elementen:

  • De doodsbedreigingen die de beschuldigde uitte tegenover zijn ex-vrouw, die enkele maanden voordien de echtelijke hoeve had verlaten en een procedure in echtscheiding was opgestart.
  • Na de moord op zijn twee dochters heeft de beklaagde in de vakantiewoning van het gezin – gelegen vlakbij de hoeve – de elektriciteitsinstallatie gesaboteerd. Concreet lagen de vier draden van de stroomtoevoerkabel bloot en onbeveiligd, hingen ze los uit de verdeelkast en stonden ze onder stroom. Aanraking van deze kabels had elektrocutie met de dood tot gevolg kunnen teweegbrengen. Vervolgens lokte de beschuldigde zijn ex-vrouw naar de hoeve en de vakantiewoning.

  • Bovenstaande feiten leiden tot het besluit dat de beschuldigde, via een alarmerende telefonische melding, effectief de bedoeling had om zijn ex-vrouw naar de hoeve en de vakantiewoning te lokken. De beschuldigde hoopte hierbij dat de vrouw, tastend in het donker, de blootgelegde draden van de stroomtoevoerkabel zou aanraken en op die manier geëlektrocuteerd en gedood zou worden. ledere alternatieve verklaring voor de handelswijze van de beschuldigde is volkomen onaannemelijk.

Motivering strafmaat

Bij het bepalen van de strafmaat baseerden het hof en de volksjury zich op volgende elementen:

  • Beide jonge meisjes waren volkomen weerloze slachtoffertjes, die gedood werden door diegene in wie zij een onvoorwaardelijk vertrouwen stelden. De weloverwogen en geplande wijze waarop dit gebeurde, brengt mee dat de beschuldigde wist dat zij er zich van bewust waren dat zij door hun vader gedood werden. Hoewel hij daartoe ruimschoots de tijd had, heeft dit er hem echter op geen enkel ogenblik toe gebracht om op zijn besluit terug te komen en zijn dochtertjes alsnog te redden.
  • Deze misdaden wijzen op een drastisch verstoord normbesef in hoofde van de beschuldigde. Hij handelde niet vanuit een depressieve grondstemming, maar uit een behoefte tot vergelding. Zijn verlangen om wraak te nemen, omwille van de echtscheiding en het materieel verlies dat daarmee gepaard zou gaan, was dermate groot dat zelfs de meest primaire instincten van vaderliefde en bescherming van de eigen kinderen daarvoor moesten wijken. Uit dit alles blijkt de bijzonder grote en acute sociale gevaarlijkheid van de beschuldigde.

  • Het hof en de jury zijn van oordeel dat dergelijke zware misdaden, en het sociale gevaar dat hieruit blijkt, geen ruimte laten voor enige andere bestraffing. Die zou volstrekt onvoldoende zijn om uiting te geven aan de grote maatschappelijke afkeer voor de misdaden die de beschuldigde pleegde of om de maatschappij te beschermen. Verzachtende omstandigheden zijn niet voorhanden.

  • Aangezien de gepleegde misdaden werden begaan vanuit een drang tot vergelding gericht tegen zijn ex-vrouw, is het noodzakelijk dat de beschuldigde ook gedurende een bepaalde termijn ter beschikking wordt gesteld van de strafuitvoeringsrechtbank. Uit de debatten ter terechtzitting is gebleken dat deze maatregel strikt noodzakelijk is om de burgerlijke partij en haar familie ook op langere termijn te beschermen.

  • Er was geen sprake van een overschrijding van de redelijke termijn.